Verdronken vlinder

verdronken vlinder

Een dode atalanta drijft in een met water gevulde emmer op mijn volkstuin.

Wellicht is het een exemplaar dat na het leggen van eitjes op brandnetels in de buurt het loodje legde en al stervende in de emmer viel.

Want veel vlinders die je in het voorjaar ziet, leggen eitjes en gaan daarna dood. De volgende generatie zie je dan in juli/augustus rondvliegen. In de tussenliggende periode zijn er vaak veel minder vlinders.

Overigens is de atalanta een trekvlinder die grote afstanden kan afleggen. De exemplaren die je hier in Nederland ziet, kunnen zomaar uit Zuid-Europa komen….

En ja, ik moest natuurlijk gelijk denken aan dat liedje van Boudewijn de Groot. ‘Zo te sterven op het water met je vleugels van papier…..’

Kleine vos

 

Kleine vos op vlinderstruik, 1 augustus 2014

Kleine vos op vlinderstruik, 1 augustus 2014

 

De kleine vos is een vlinder die nog vrij algemeen voorkomt, in tegenstelling tot veel andere soorten. Want de natuur verschraalt – het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de landbouw, de intensieve veeteelt, het verdwijnen van leefgebieden van dieren en planten ten gunste van bebouwing, het drukke autoverkeer, de recreatie: het zorgt er allemaal voor dat soorten verdwijnen.

Weidevogels zie je bijna niet meer en in bos en park zie en hoor je alleen nog maar enkele algemene soorten zangvogels. En helaas geldt datzelfde ook voor de vlinders.

Maar ik blijf proberen om positief te denken en om het kleine te waarderen. En zo’n kleine vos op de bloem van de vlinderstruik in mijn tuin op een warme zomerdag blijft gewoon mooi.
Deze soort is herkenbaar aan de oranje-bruine kleur en aan die verticale zwarte strepen aan de bovenkant van de vleugels (‘zebrapad’). En ook aan de kleine blauwe vlekjes langs de zij- en onderkant van de vleugels.

Mooi, zo’n vlinder.

Een dag na het plaatsen van dit blogbericht bezocht een atalanta dezelfde vlinderstruik. Ik slaagde er niet in een echt mooie foto van hem of haar te maken, maar onderstaand kiekje is beter dan niets:

Atalanta op vlinderstruik 2 augustus 2014

Atalanta op vlinderstruik 2 augustus 2014

Vlinder mee!

Vlinderstichting

Op de website Vlinder mee! van de Vlinderstichting kun je waarnemingen van vlinders in je eigen tuin doorgeven. Je moet je even registreren, daarna kun je via een formulier je waarneming online melden. Een vlinderkaart met afbeeldingen van de meest voorkomende vlindersoorten helpt je bij het vaststellen van de soort.

Door deze tellingen krijgt de Vlinderstichting meer inzicht in de vlinderstand in ons land en kan op de langere termijn wellicht ook de achteruitgang van bepaalde soorten beter in kaart gebracht worden.

Ook kleine tuinen van minder dan 10 m2 tellen mee, zolang als er maar vlinders te zien zijn. Mijn achtertuintje hier in Zoetermeer is van een dergelijke geringe omvang, maar de aanwezigheid van slechts één vlinderstruik lokt verschillende soorten naar mijn perceeltje, dus ik tel mee.

 

 

 

 

Mooie vlinders

Ik zag op zondagmiddag vlinders rond de planten die bloeien op de geluidswal langs de snelweg bij Zoetermeer. Met het nodige geduld en door een zekere afstand te bewaren kon ik ze vastleggen met de camera. Ik heb ze thuis aan de hand van een website met foto’s geïdentificeerd als Icarusblauwtje en Bruin zandoogje.

En toen ik ze gefotografeerd had, landde er een Dagpauwoog in de schanskorf* naast het pad. Wellicht wilde hij profiteren van de uitstralende zonnewarmte van de stenen in de korf. Een apart gezicht, een foto waard…

Icarusblauwtje

Icarusblauwtje

Icarusblauwtje met de vleugels rechtop. De onderkant van de vleugels zijn nog mooier dan de bovenkant!

Icarusblauwtje met de vleugels rechtop. De onderkant van de vleugels is nog mooier dan de bovenkant!

Bruin zandoogje op Jakobskruiskruid

Bruin zandoogje op Jakobskruiskruid

Bruin zandoogje op akkerdistel, de vleugels geheven

Bruin zandoogje op akkerdistel, de vleugels geheven

Dagpauwoog in schanskorf

Dagpauwoog in schanskorf

Schanskorf: een stenen muurtje waarbij de stenen in een ijzeren frame op elkaar gestapeld worden

Dood

Toen ik vanochtend de voordeur opendeed, lag er een dode vlinder buiten op de mat. Een mooie vlinder: donkerbruin gekleurd van boven, maar met een oranje tekening op de ondervleugels. Mooi, maar wel dood. Ik heb hem opgepakt en op mijn balkon neergelegd, in de irreële hoop dat hij alsnog uit zijn slaap zou ontwaken en die fraai getekende vleugels uitspreiden en wegvliegen – maar nee.

Ik ging vanmiddag met de hond naar mijn volkstuin. Langs het pad naar mijn tuin zaten eenden op een open plek in de groenstrook en mijn hond was niet aangelijnd. In no time was hij erbij en had een van de eenden te pakken. Ik kwam snel in actie, maar voor het slachtoffer was het al te laat. Het dier probeerde eerst nog overeind te krabbelen, maar legde even later het loodje. En zo snel als dat ging! Geen strijd, ogenschijnlijk geen pijn, geen protest. Overgave, daar leek het op. Te gemakkelijk bijna. Geen bloed, alleen een op het oog kleine wond aan de borstzijde. Was het de schrik misschien?

Een dode eend in de kofferbak van mijn auto. Ik heb hem thuis in een plastic zak op het balkon gelegd, vlakbij die vlinder. Maandag begraaf ik hem op de kwekerij waar ik werk. Die vlinder laat ik maar liggen, zo’n klein diertje begraaf je niet.

Ik voel me schuldig over die eend, want het was mijn hond en ik had hem natuurlijk moeten aanlijnen. Was die vlinder vanochtend soms een waarschuwing, een voorteken?
En zou er een hemel voor dieren bestaan of is dat alleen maar wishful thinking?